Wat als hij Nee zegt?

Mijn vader en ik hadden niet zo’n warme band. We hadden het over elkaars werk en dat was het wel zo’n beetje. Ik was net een cursus aan het doen toen ik voor een paar dagen bij mijn ouders op bezoek ging. Ik zat alleen met mijn vader in de woonkamer. Hij las de krant en ik was een tijdschrift aan het lezen toen hij zei:

Dat kan toch niet, dat een politieagent dat op Twitter zet!

Ik schrok even op van mijn tijdschrift. Ik was eigenlijk geïrriteerd, maar had dat nog niet door. Ik stelde de vraag:

Aha, en zou je nou iets van mij willen horen?

Hij keek me verbaasd aan en zei:

Nee, hoor, ik wilde het alleen even kwijt.

Toen hij die woorden uitsprak merkte ik eigenlijk pas wat me al die jaren had dwarsgezeten. Dankzij die cursus werd het me helder en ging op zoek naar de woorden. Ik ging SpeakUP&CheckIN-en.

Aha, en voor mij kost het wat energie om die zin te verwerken, dus dat zou ik alleen helder voor ons allebei willen hebben. Kun je je voorstellen dat het mij wat energie kost om zo’n zin te verwerken?

Hij keek me aan en zei:

Nee, dat moet je gewoon van je af laten glijden.

Ik vond dat een mooi inzicht en zei:

Aha, dus jij kunt dat gewoon van je af laten glijden?

Ja.

Ik zat nog steeds met spanning in mijn lichaam, daarom deed ik dus ik deed nog een poging om gehoord te worden.

Voor mij is het net wat anders en daar wil ik nog even over gehoord worden. Dat het mij wat frustratie oplevert en wat energie kost om te verwerken. Kun je voorstellen dat het voor mij zo is?

Hij keek me aan en zei na een stilte:

Nee.

Daar zat ik dan. Ik had mijn best gedaan en hij zei nee. Maar ik had nog steeds niet het idee dat we op één lijn zaten. Ik wist niet precies wat ik anders kon doen, dus ik herhaalde nog een keer:

Pap, ik wil alleen gehoord worden hoe het voor mij is. Dat het mij wat energie kost. Kun je je dat voorstellen?

Weer een stilte:

Nee.

Weer een nee. Ik checkte in met mijn lichaam, dat was nog steeds gespannen. Waarschijnlijk niet alleen van dit voorval, maar van een paar decennia frustratie. Maar ik kon nog steeds bij openheid komen en wilde met kracht aandacht voor mijzelf vragen.

Ik ging bij hem aan tafel zitten. Keek hem niet aan. Richtte me helemaal op mijzelf en zei met aardig wat emotie in mijn stem:

Pap, ik wil alleen gehoord worden dat het voor mij zo is. Kun je je voorstellen dat het voor mij zo is?

Een stilte. Ik keek nog steeds naar de grond en toen hoorde ik hem zachtjes zeggen:

Ja, dat kan ik me voorstellen. Soms zitten mensen anders in elkaar.

Ik ontspande helemaal en keek hem in zijn ogen. We keken elkaar aan en de tijd stond even stil. Ik zag hem weer als mens en hij mij misschien ook.

Vanaf dat moment, tot aan zijn dood, was het contact voor altijd verdiept. En konden we het af en toe met plezier hebben over wat hij in de krant had gelezen. Want daar ging het natuurlijk niet om.